
Filosofie
Tweeduizend jaar oude antwoorden
Lang voor de positieve psychologie stelden filosofen dezelfde vragen. Hun antwoorden staan nog verrassend recht overeind.
Aristoteles noemde het eudaimonia: floreren door een deugdzaam, betekenisvol leven. Niet plezier, maar het volledig realiseren van je menselijke natuur. Modern welbevindenonderzoek onderscheidt om die reden hedonisch (plezier) en eudaimonisch (betekenis) welbevinden.
De stoïcijnen, Epictetus, Seneca en Marcus Aurelius, leerden ons te richten op wat we kunnen beheersen: onze oordelen. De rest aanvaarden we. De weg naar ataraxia, gemoedsrust. Modern cognitief-gedragsmatige therapie (Beck, Ellis) put hier expliciet uit.
Epicurus zocht geluk in bescheiden, duurzame genoegens boven excessen. Vriendschap noemde hij "van alle dingen die de wijsheid bijdraagt aan een gelukkig leven, verreweg het belangrijkste". Waldinger, tweeduizend jaar later, komt tot dezelfde conclusie.
Het boeddhisme wees op gehechtheid en verlangen als bron van lijden. Mindfulness en loslaten als weg naar innerlijke vrede. Mindfulness-based interventies hebben inmiddels stevige evidence base voor stress en depressie.